Wageningen

De “Boshoven” moet niet onderschat worden

Interview met Albert Boshoven in De Schakel van november 2001
.
.

“Ben ik wel zo interessant?”, was Alberts verbaasde reactie toen wij hem aanschoten om zijn bereidheid te polsen voor een interview. “Dat lijkt mij wel, Albert. Dat lijkt mij zelfs geen enkel punt”. Albert stond al enige tijd op ons verlanglijstje maar steeds kwam er weer wat tussen. We waren blij dat het deze keer raak was en als Albert binnenstapt en goed en wel een slok van zijn zwarte koffie gedronken heeft, overvalt hij ons met het laatste debâcle van de schaakclub: de 5-3 nederlaag van het 4e tegen Pion 3 uit Groesbeek op vrijdag 9 november. Vervolgens legt Albert minutieus uit hoe zijn nederlaag tot stand is gekomen maar dat verhaal kan hij niet afmaken. Als Frans B binnen is, beginnen we aan ons gesprek.

 

Albert, vertel eens wat over je eerste schaakjaren?

Ik kom uit een groot gezin. We hebben thuis 8 jongens en 4 meiden. En elke vrijdagavond deden we spelletjes: dammen, kaarten, schaken, ganzenborden etc. Ik schaakte altijd, dat vond ik een heel leuk spelletje. Met mijn broer. Mijn broer schaakte redelijk maar is uiteindelijk gaan bridgen. Omdat ik eigenlijk in de loop van de jaren veel te sterk werd voor de anderen, kreeg ik onvoldoende tegenstand. Pas na mijn huwelijk, op mijn 24e ben ik lid geworden van SVW. Ik meen in 1976, samen met Jan Blom, Jan de Jonge en Erik Smaling. Ik had niets aan theorie gedaan, ik kende alleen de loop van de stukken. Ik heb, ook na mijn huwelijk, wel veel simultaans gespeeld in wageningen en omgeving tegen oa Piket, Böhm, Karpov, Ree, Sosonko, Zuidema, Euwe.

Vanaf 1976 ben je dus lid en ik weet dat je vanaf 1987 commissaris materiaal bent. Heb je nog andere functies gehad?

Nee, afgezien van verschillende Bevrijdingstoernooien heb ik verder geen activiteiten gehad voor de club

Albert, ik weet dat je niet tevreden bent over het gedrag van de schakers tav het materiaal.

Nee, daar kan ik niet tevreden over zijn. Ik vind het een vreemd gedrag dat zulke grote kerels er zo’n rotzooitje van maken.

Wil je nu eens even op een rijtje zetten wat jou allemaal niet bevalt? Het materiaal is goed?

Het materiaal is goed maar het in de kast opbergen en zomaar gooien van materiaal , dat is een rotzooi . Kijk ik heb een flink aantal jaren een stelletje houten klokken gemaakt maar in no time waren ze weer stuk. Of er ontbrak een nippeltje aan, of een drukkertje aan de bovenkant en ik begrijp dat niet. Geen enkele schaakclub zit goed in de financiële middelen, nou, dan kan je toch wel zuinig op je materiaal zijn? Het is nou dat wij van Lotringen bereid gevonden hebben om af en toe eens even wat geld in de club te stoppen maar anders kom je toch in de problemen.

Maar is er bv voldoende kastruimte?

Nou dat zou wel wat beter kunnen. We hebben misschien iets te weinig ruimte waardoor de borden vallen en materiaal kapot gaat. En als er dan een bord op de grond flikkert en er gaat een hoekje vanaf, dan ga je daar wat aan friemelen en rommelen en dan is het gauw gebeurd. Ik heb toendertijd zelf een kast willen maken voor de club maar dat is niet helemaal goed gelukt. Ik was daar niet tevreden over en nou staat hij in mijn schuur als rommelkast.

Maar denk jij dat de schakers goed op de hoogte zijn waar ze bv kapot materiaal moeten neerzetten?

Nou, ja dat zou misschien wat beter kunnen en daar heb je dan toch misschien wat weinig kastruimte voor. Ik heb een tijdje geleden de kasten gereorganiseerd maar nu is daar niet veel meer van te merken. Ik ga dat binnenkort opnieuw doen, ik heb daar al met Max contact over gehad, en alles zal worden voorzien van stickers. In het vak van de borden komt een richel zodat de borden er niet meer uit kunnen vallen.

Dat lijkt me een mooi plan. Want het moet jou toch door de ziel snijden als je op donderdagavond weer een bord op de grond hoort kletteren.

Nee, dat vind ik niet leuk, nee, en ik kan dat eerlijk gezegd ook niet goed begrijpen. Mij overkomt het bv nooit.

Wat de borden betreft zou het een oplossing zijn om ze niet laag in de kasten op te bergen maar juist hoog, op ooghoogte. Al ze dan naar beneden vallen, heb je weliswaar geen bord meer maar dat gebeurt hooguit een,twee keer.

Ik heb nu een oplossing gevonden en ga dat binnenkort uitvoeren.

Maar afgezien daarvan, als iemand nou niet weet…

Ja, maar, dan moet je toch haast blind wezen om dat niet te begrijpen.

Maar het gebeurt blijkbaar.

Nou ja, dat is waar. Ik had op een gegeven moment al het nieuwe materiaal in één kast en toen zei iemand: dát ziet er mooi uit! En in een paar maanden was het weer een rotzooitje. Jammer.

Wat vond je van de suggestie van Hens ten Thye op de ALV?

Over de reparatie van klokken, ja. Hij stuurde mij een e-mailtje met wat informatie. Hens kan het wel maar heeft geen tijd en ik heb daar geen kijk op. Dan houdt het op. Nu zei Bartel Dodeman laatst tegen mij dat hij er wel brood in ziet om die display’tjes te vervangen. En dat is leuk want je kunt dat spul wel opsturen en dan kost het je f 50,- maar aan materiaal ben je maar een paar gulden kwijt. En een nieuwe klok kost, ik meen f 157,-.

Hoe lang gaat een digitale klok mee?

Dat weet ik niet maar in ieder geval heel lang. Ik heb een van de eerste digitale horloges en die heb ik al 24 jaar. Daar mankeert niets aan. Maar ik ga er ook zorgvuldig mee om. En dat bedoel ik. Als je zo’n klok goed behandelt, zou ik niet weten wat er aan kapot zou gaan. En ik weet niet of hard slaan op de klok  nu sneller gaat dan gewoon normaal de klok indrukken.

Maar ja, in het vuur van de strijd?

Dan nog. Als het bij mij spannend wordt, blijf ik toch gewoon de klok indrukken. Ik heb misschien mijn gevoelens wat beter onder controle.

De kapotte klokken. Hoeveel zijn het er?

Misschien een 20-tal, misschien meer.

Moet daar niet wat mee?

Misschien wel, ja. We moeten eens een keer met een paar man bij elkaar gaan zitten en eens kijken welke klokken geruimd moeten worden en welke te repareren zijn. Dan nemen we gereedschap mee en dan repareren we de zaak ter plekke. Dat zou wel een goed idee zijn.

Volgende onderwerp. Je bent een gerenommeerd schaker op de club, Albert. Je mag dan wel niet in de hogere teams spelen maar wel ben je de enige op de club met een paar serieuze openingszetten achter je naam. Ik noem de Boshoven, de dubbele Boshoven en de dubbelovergehaalde Boshoven. Dat is niet gering. Vertel daar eens wat over.

Het was in het begin van de jaren ’80 dat de redactie van de Schakel gevoerd werd door Marc Ettema en Eduard Damen. Ik heb toen waarschijnlijk snel een paar keer a3 en h3 gespeeld en dat is toen in de Schakel verschenen onder de “boshoven”. Aan de bar ontstaan dan natuurlijk de dubbele boshoven en de dubbelovergehaalde boshoven.

Wat is de kracht van de boshoven?

Ik baalde er toen vreselijk van als mijn koningspaard of damepaard gepend werd. Ik houd daar niet van en om dat te voorkomen, speel ik mijn randpion op.

En wat is de dubbelovergehaalde boshoven?

Nou ja, dat is dan a3 en h3 en de tegenstander speelt daarop a6 en h6. Maar er zit ook wel weer een mooi verhaal aan vast. Pieter Clausing kwam terug van een half jaar amerika en moest de eerste wedstrijd tegen mij. Allereerst kwam hij een dik half uur te laat. En toen hij binnenkwam, vroeg hij wat ik wilde drinken, serveerde dat en speelde vervolgens a3. Zijn volgende zet was h3. Nou, ik heb hem die partij geveegd, er klopte niets van wat hij deed en dat is dan ook meteen mijn mooiste overwinning. Maar hij had nog een geintje. Hij zei: “Albert, gefeliciteerd met je overwinning en nog bedankt voor die fles whiskey van gisterenavond”. Ik had hem nl een fles whiskey thuis laten bezorgen. Nou, toen had je de meute moeten horen. “Vuil spel” en “gekochte partij” maar dat kon natuurlijk niet want ik wist helemaal niet dat ik tegen hem moest spelen. Karpov is overigens wel eens met a3 begonnen.

Oh, we moeten de boshoven dus niet onderschatten?

Nee, zeker niet maar ik speel hem tegenwoordig niet meer.

Je staat bekend, Albert, als een speler met veel beleving achter het bord. Je gaat ervoor

Dat probeer ik wel ja.

Nou ja, het is niet zo dat je de zaak makkelijk van je afzet.

Nee, ik heb er wel behoorlijke gevoelens bij. Soms heb ik een partij die ik behoorlijk in de hand heb en die geef ik dan weg. Dan baal ik wel, ja, en dat maak ik soms wel eens kenbaar ook ja.

Als het niet in de zaal is……

dan wel aan de bar, ja. Ik heb soms wel eens met mijn vuist op tafel geslagen en zei: gvd, alweer zo’n klotezet”! Ja en tegen Jef van Swieten ben ik ook wel eens zo kwaad geweest op mijzelf en Jef was helemaal verbouwereerd en vroeg in zijn verwarring: “Albert, wil je misschien iets drinken”!. “Nee, zei ik, “en ik hoef ook niets meer te zien ook”. En tegen Co Wiersma was het helemaal erg. In een straalgewonnen stand, begon Co nog even te “klôte” zoals hij dat kan zeggen, en verdomd, ik geef het weg. In een stand dat ik echt niet verder zou durven spelen, maar goed. Ik was toen wel zo kwaad op mezelf dat ik de laatste 2 rondes niet meer gespeeld heb.

Kijk, ik speel het spelletje graag en ik speel om te winnen. Maar ik zie lang niet alles. Maar soms maak je bijna geen enkele fout en dat was een paar jaar geleden. Toen stond ik 5 rondes voor het einde 10e, ik had 10½ punt uit de laatste 12 partijen gehaald. En toen moest ik 5 keer tegen zo’n stelletje rukkers uit het eerste en allemaal met zwart. En toen ging het niet meer.Dan word je bang en kom je in een neerwaartse spiraal.

Maar vind je het wel leuk tegen zulke goeien te spelen?

Jazeker, hardstikke leuk. Maar nu vind ik er niks aan. Je speelt constant in hetzelfde kringetje. Vroeger met het laddersysteem speelde je tegen veel meer spelers maar nu is dat anders. Mijn rating is 1500 en dan kom je jongens van boven de 1750-1800 niet meer tegen. Dat verschil is te groot. En ik vind dat wel interessant tegen andere spelers. Nu zijn de partijtjes vaak hetzelfde en daarom ga ik ook wat aan mijn openingen doen. Ik heb mij opgegeven voor de training.

Goed, Albert je mooiste overwinning hebben we al gehad, je beroerdste nederlaag ook. Maar hoe sta jij de volgende dag op?

Nou, dan ben ik alles wel vergeten, hoor. Het is gelukkig niet zo, dat het schaken mijn hele leven beheerst. En ik wil altijd ook nog wel een borreltje drinken en dat helpt ook prima voor een goede nachtrust. Ik heb gelukkig weinig slaap nodig.

Wat is je favoriete opening?

Ach, met wit speel ik meestal e4 of g3 met Lg2 en met zwart hangt het natuurlijk van de tegenstander af. Maar geen enkele opening vrees ik. Ik doe wat ik op dat moment nodig vind. En ik schaak maar één keer in de week, hè, alleen op de club. Ik doe thuis niets aan schaak. Dus m’n openingskennis is wat beperkt en daar wil ik via de training wat aan gaan doen.

Je speelt al jaren extern. Wat is nu de charme van het extern spelen?

Ach, ik vind het heel leuk om eens bij andere clubs in de regio te kijken, hoe het daar reilt en zeilt. En ik speel graag. En waar dat is, maakt mij dan niet zoveel uit.

Je zoon Robert is vaak aanwezig op de zaterdagen dat het 1e thuis speelt. Wil hij niet naar de club?

Dat wil hij misschien wel, maar die jongen heeft het al veel te druk. Hij voetbalt, traint daarbij 2 keer in de week, speelt slagwerk in de harmonie en krijgt daarin les en hij is de jongste barbershopper van nederland.

Tenslotte: Wat doe je voor werk?

Ik ben van origine verwarmingsmonteur. Maar dat is een slecht vak. Dat is een vak voor mensen die niet oud worden. In 9 van de 10 gevallen moet je als een mol onder de grond je werk doen, in de kou, en als het warm wordt, kan je weer vertrekken. Of je werkt in de nieuwbouw onder het dak en dan is het zo heet ‘s zomers dat de reuzel je de reet uitloopt. En ik had een baas die je altijd alléén liet werken. Want dan ging er geen tijd verloren met lullen. Of het koud of warm was, maakte niet uit, wij werkten.

Ik weet het nog goed. Het was op mijn verjaardag en ik had ‘s middags vrij gevraagd. Ik moest 48 bejaardenwoninkjes in Zetten verwarmen en ik kwam daar de pont af bij Lexkesveer op mijn brommertje toen er nog van die klinkers lagen naar Zetten. Ik ging daar radicaal op mijn smoel. Drie ribben gekneusd, de kop kapot. Ik ging toch naar mijn werk toe maar er was geen hond. De bouw was eruit gevroren. Enfijn, ik zit daar onder de grond, half in het water met mijn laarzen aan, mijn boterhammen te eten, want de kantine was dicht. En toen had ik het gehad. Ik dacht: stik me de moord maar maar ik ga naar huis. Ik heb mijn spulletjes gepakt, mijn baas gebeld en gezegd: ik heb vrij gevraagd voor vanmiddag maar weet je wat jij doet: je maakt mijn papieren maar klaar want ik stap op. Ik doe dit geen dag langer. Ik heb toen 9 maanden de groenteafdeling van Snetselaar in Bennekom gerund. Dat is leuk werk maar je kunt er de kost niet verdienen. Toen teruggegaan naar de metaal en in dienst gegaan bij een bedrijf  dat mij uitleende aan de Akzo. Ik heb toen eerst in R’dam gewerkt , toen bij Ketjen in A’dam Noord. Ik moest toen erg vroeg op om de eerste trein naar A’dam te hebben  om de pont van 6.55u over het Y te halen. Toen voor een paar jaar naar de Akzo in Arnhem. Maar daarna kwamen er een paar slechte jaren in de metaal en ik kreeg ontslag. Ja, of ik moest naar oostgroningen toe en dan moest ik in de kost en daar had ik geen zin in. Ik was net getrouwd en daar begon ik niet aan. Ik ben toen bij een bedrijf gaan werken dat kantoorartikelen maakt en daar werk ik nog steeds. Alleen het werk is nu zover doorgevoerd dat we alleen nog geldkisten en kluizen maken. En ach ja, ik werk hier nu al zo’n tijd met een bijbehorend salaris dat ze toch met een flinke zak met geld moeten komen, wil ik weggaan. Dat is nu eenmaal zo, hoewel het werk soms wel wat saai is.

Hobbies Albert?

Nou, ik heb veel gevist en ik heb veel geklaverjast, maar allebei ben ik wat zoekende. Ik heb nu met wat andere mensen afgesproken om bridgen te leren. En het vissen, dat is allemaal anders geworden. Ik heb veel wedstrijden gevist en ik heb thuis goed materiaal maar tegenwoordig is het veelal ‘feeder’-vissen en dat vind ik eigenlijk niets aan. Ik doe het dus tegenwoordig bijna niet meer. Ik wil alleen nog wel gaan match-vissen, dat lijkt mij nog wel leuk.

Nog 2 stellingen: dankzij het lustrum wordt de SVW niet langer ten onrechte WSV genoemd .

Oh, dat wist ik niet. Dat is nieuw voor mij. Voor mij was het altijd al SVW.

2e stelling : het is bij menige SVW-er niet bekend hoe hij het materiaal moet behandelen.

Nou, nee, dat gaat er bij mij niet in.

Albert, bedankt.

Daan van Baarsen & Frans Bonnier